Provincie volgt advies en blijft handhaven op uitstoot zoutzuur door kunstmestfabriek
Kunstmestfabriek ICL heeft bezwaar gemaakt tegen een nieuwe dwangsom vanwege een te hoge uitstoot van zoutzuur. De provincie Noord-Holland heeft een besluit genomen over dit bezwaar.
De provincie vindt dat de dwangsom terecht is opgelegd. Wel volgt de provincie het juridisch advies dat de dwangsom niet omhoog mag zolang de eerste dwangsom niet volledig is verbeurd.
In 2024 kreeg ICL een dwangsom van 500.000 euro opgelegd (vier dwangsommen van ieder € 125.000 per geconstateerde overtreding) omdat de uitstoot van zoutzuur te hoog was. In februari 2026 werd de vergunning van ICL aangepast. Daarmee gingen strengere normen voor de uitstoot gelden. Omdat ICL ook onder die nieuwe normen moet blijven, legde de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG) een nieuwe dwangsom op van in totaal € 2,5 miljoen (2 dwangsommen van ieder € 1,25 miljoen per geconstateerde overtreding).
De last werd opgelegd in maart. ICL maakte daar bezwaar tegen in april 2026. De hoor- en adviescommissie van de provincie heeft het bezwaar onderzocht en in juli advies uitgebracht. De commissie concludeerde dat de nieuwe dwangsom terecht was, maar dat bij het bepalen van de nieuwe dwangsom rekening moet worden gehouden met een nog niet verbeurd bedrag van € 125.000 uit de eerdere dwangsom.
De provincie volgt dit advies. Dat betekent dat ICL bij een nieuwe overschrijding van de strengere norm € 125.000 moet betalen. Mocht ICL de scherpere normen weer overtreden, dan kan de OD NZKG opnieuw een dwangsom opleggen. De hoogte daarvan wordt bepaald aan de hand van de situatie op dat moment.
De provincie blijft handhaven en wil dat bedrijven zich aan de regels houden. Tegelijkertijd moet handhaving binnen de wet plaatsvinden. Een dwangsom kan alleen worden verhoogd als daar juridisch ruimte voor is.
Het doel blijft hetzelfde: zorgen dat de uitstoot van ICL binnen de (strengere) norm blijft. De OD NZKG houdt daarom actief toezicht op de naleving van de vergunning. In mei en juni 2026 bleef de zoutzuuruitstoot van ICL volgens metingen van de OD NZKG binnen de nieuwe, strengere normen. Bij een eventuele nieuwe overschrijding wordt opnieuw handhavend opgetreden.
De provincie vindt dat de dwangsom terecht is opgelegd. Wel volgt de provincie het juridisch advies dat de dwangsom niet omhoog mag zolang de eerste dwangsom niet volledig is verbeurd.
In 2024 kreeg ICL een dwangsom van 500.000 euro opgelegd (vier dwangsommen van ieder € 125.000 per geconstateerde overtreding) omdat de uitstoot van zoutzuur te hoog was. In februari 2026 werd de vergunning van ICL aangepast. Daarmee gingen strengere normen voor de uitstoot gelden. Omdat ICL ook onder die nieuwe normen moet blijven, legde de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG) een nieuwe dwangsom op van in totaal € 2,5 miljoen (2 dwangsommen van ieder € 1,25 miljoen per geconstateerde overtreding).
De last werd opgelegd in maart. ICL maakte daar bezwaar tegen in april 2026. De hoor- en adviescommissie van de provincie heeft het bezwaar onderzocht en in juli advies uitgebracht. De commissie concludeerde dat de nieuwe dwangsom terecht was, maar dat bij het bepalen van de nieuwe dwangsom rekening moet worden gehouden met een nog niet verbeurd bedrag van € 125.000 uit de eerdere dwangsom.
De provincie volgt dit advies. Dat betekent dat ICL bij een nieuwe overschrijding van de strengere norm € 125.000 moet betalen. Mocht ICL de scherpere normen weer overtreden, dan kan de OD NZKG opnieuw een dwangsom opleggen. De hoogte daarvan wordt bepaald aan de hand van de situatie op dat moment.
De provincie blijft handhaven en wil dat bedrijven zich aan de regels houden. Tegelijkertijd moet handhaving binnen de wet plaatsvinden. Een dwangsom kan alleen worden verhoogd als daar juridisch ruimte voor is.
Het doel blijft hetzelfde: zorgen dat de uitstoot van ICL binnen de (strengere) norm blijft. De OD NZKG houdt daarom actief toezicht op de naleving van de vergunning. In mei en juni 2026 bleef de zoutzuuruitstoot van ICL volgens metingen van de OD NZKG binnen de nieuwe, strengere normen. Bij een eventuele nieuwe overschrijding wordt opnieuw handhavend opgetreden.

Geen opmerkingen: