Natuur laten meewerken maakt Nederland slimmer klimaatbestendig
Nederland kan zich slimmer voorbereiden op de gevolgen van klimaatverandering als het de natuur laat meewerken, naast technische maatregelen. Dat staat in het rapport ‘Natuurlijk kan het slimmer’ van het kennis- en innovatieprogramma NL2120, waar Deltares aan meewerkt. Het rapport is een verkenning en eerste doorrekening van toekomstbeelden voor Nederland in 2120.
NBS NL2120 cover Stadswaard Nijmegen c Karsten Reiniers voor ARK Rewilding Nederland
NL2120 beschrijft voor de kust, de rivieren, het veen, de zandgronden en de stad welke natuurlijke oplossingen daar kansrijk zijn en wat ze opleveren, vaak in concrete cijfers. De onderzoekers presenteren de toekomstbeelden niet als blauwdruk, maar als een uitnodiging aan overheden, boeren, ondernemers, natuurorganisaties en bewoners om samen aan de slag te gaan met natuurlijke oplossingen.
“De natuur is onze belangrijkste bondgenoot voor een veilige delta en zou onderdeel moeten uitmaken van elk goed technisch ontwerp,” zegt Bregje van Wesenbeeck, wetenschappelijk directeur bij Deltares, hoogleraar Natuurlijke oplossingen voor waterveiligheid en klimaatadaptatie aan de TU Delft en één van de initiatiefnemers van NL2120. “We moeten natuurlijke systemen weer goed leren begrijpen, voordat we ingrijpen. Zo wordt natuur een vertrekpunt voor een ontwerp en een vast onderdeel van hoe we ons land klimaatbestendig inrichten. De toekomstbeelden van NL2120 laten zien dat waterveiligheid en natuurherstel op die manier hand in hand kunnen gaan.”
Op 6 oktober 2026 zijn de toekomstbeelden gepresenteerd door Bregje van Wesenbeeck (Deltares), Alex Hekman (Sweco) en Tim van Hattum (Wageningen University & Research) van NL2120 aan Mark Roscam Abbing (directeur-generaal Landelijk Gebied en Stikstof, waarnemend DG Natuur en Visserij, Ministerie van LVVN) en Jaap Slootmaker (directeur-generaal Water en Bodem bij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat).
Natuurlijke oplossingen, internationaal vaak Nature-based Solutions genoemd, maken slim gebruik van de werking van water, bodem en ecosystemen. Denk aan groen in de stad die voor verkoeling zorgt, of aan een natuurlijk meergeulensysteem in de rivier dat bodemerosie helpt voorkomen, de afvoerverdeling verbetert en extremen in waterstanden dempt, met positieve effecten voor scheepvaart en de waterveiligheid.
Zulke maatregelen dienen vaak meerdere doelen tegelijk. Als een rivier meer ruimte krijgt, daalt de waterstand bij hoogwater en ontstaat tegelijk ruimte voor riviernatuur en recreatie. Daardoor zijn natuurlijke oplossingen volgens het rapport van NL2120 in veel gevallen ook kosteneffectiever dan maatregelen die op één doel gericht zijn. Ook wordt de schaarse ruimte efficiënter gebruikt.
De investeringen die nodig zijn voor deze natuurlijke oplossingen, betalen zich volgens het rapport uit doordat ze Nederland veerkrachtiger maken tegen droogte, hitte, overstromingen en wateroverlast en zorgen voor de essentiële randvoorwaarden voor duurzame economische groei, natuurherstel, betere waterkwaliteit en de gezondheid van miljoenen Nederlanders.
Natuurlijke oplossingen kunnen vaak meerdere opgaven tegelijk aanpakken, zoals woningbouw, landbouw, natuurherstel en waterveiligheid. Zo wordt de schaarse ruimte efficiënter benut en voorkomen we dat een oplossing voor het ene vraagstuk nieuwe problemen veroorzaakt bij een ander.
Nederland staat voor de grootste verbouwing sinds de Tweede Wereldoorlog, met miljardeninvesteringen in woningbouw, energie, landbouw en natuurherstel. Als laaggelegen delta is het land kwetsbaar voor zeespiegelstijging en weersextremen. Dat vraagt om aanpassingen van iedereen en zal ons dwingen tot lastige besluiten. We kunnen echter hoe dan ook niet op dezelfde voet doorgaan: Nederland klimaatbestendig inrichten is een randvoorwaarde voor toekomstig verdienvermogen en welzijn. De Tweede Herijking van het Deltaprogramma (2026) benadrukt dat daarom naast technische maatregelen meer aandacht nodig is voor ruimtelijke inrichting en landgebruik, met een gezond water- en bodemsysteem als uitgangspunt.
Geen opmerkingen: